Vulprogramma oudere cavernes

Waarom is er een vulprogramma?

Sinds 2007 werkt Nobian in het Twenthe-Rijn winningsgebied aan een programma om een beperkte groep oudere cavernes te vullen. De aanleg van deze cavernes is gestart in de periode tussen 1958 en 1975 op basis van inmiddels verouderde technieken. Daardoor zijn deze aangemerkt als ‘potentieel instabiel’. Dat betekent dat de cavernes nu stabiel zijn, maar dat er op de lange termijn - zonder maatregelen - een (zeer kleine) kans bestaat op schade aan het maaiveld (grond aan het oppervlak). Deze schade betreft een lokale verzakking van de bodem. 

Om dit risico te voorkomen, vult Nobian deze cavernes preventief met bodemeigen materiaal. Dit is materiaal dat samen met het zout bij de zoutwinning naar boven komt en vervolgens wordt teruggebracht in de caverne ter vulling. Zodra een caverne voldoende is gevuld, wordt deze definitief afgesloten.  

Hoe werkt het vulprogramma?

Met het vulprogramma wordt een deel van de groep potentieel instabiele cavernes gevuld.

Dit gebeurt als volgt:

  • er wordt bodemeigen materiaal in de caverne gebracht (bijvoorbeeld boorgruis of kalkslurry);
  • dit materiaal zakt naar beneden en vult de ruimte (groten)deels op; hierdoor krijgt de caverne een veilige hoogte.
  • Het vullen zorgt ervoor dat de caverne op de lange termijn veilig blijft.

Veiligheid staat centraal

Veiligheid is het belangrijkste uitgangspunt van het vulprogramma. Daarom:

  • houden we de cavernes met verschillende technieken voortdurend in de gaten:
    • Het microseismisch meetnet (zie kaart links) bewaakt de cavernes 24 uur per dag, 7 dagen per week.
    • Sonarmetingen geven inzicht in de vorm van de caverne.
    • Bodemdaling meten we elke 5 jaar met waterpasmetingen en controleren we jaarlijks via satellietmetingen;
  • gebeurt de uitvoering van het programma onder toezicht van het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM).Met deze metingen worden zelfs de kleinste veranderingen in de diepe ondergrond gemonitord.

In het uitzonderlijke geval dat de stabiliteit van een caverne verandert, wordt dit door de monitoring in een vroeg stadium opgemerkt. Deze veranderingen ontstaan niet van de ene op de andere dag, maar ontwikkelen zich langzaam over een periode van jaren. Als het nodig is, vult Nobian de betreffende caverne met voorrang om de veiligheid te garanderen. Hierdoor blijft het eventuele effect aan het maaiveld beperkt tot een plaatselijke en beperkte aanvullende bodemdaling die geleidelijk verloopt over een periode van jaren.

Een programma dat zich blijft ontwikkelen

We blijven voortdurend werken aan het vulprogramma. Dat is een proces dat nooit af is. Dat gebeurt op basis van:

  • nieuwe inzichten uit onderzoek;
  • ervaringen uit de praktijk;
  • en ontwikkelingen in techniek en regelgeving.

Zo zorgen we ervoor dat we steeds blijven werken volgens de nieuwste kennis en veiligheidsstandaarden.